*T. Tellegen

Een man wist niet dat hij met een engel vocht -
er zijn geen engelen, fluisterde hij
en hij voelde geen pijn,viel niet,

bloedde niet,
ging niet één of duizend keer dood -
nee, ze bestaan niet! riep hij, telkens opnieuw -
en hij werd niet weggesleept, niet weggegooid en niet vergeten

en met een verbeten onverschilligheid
die alle perken te buiten ging
liet de engel hem niet los.

* Rutger Kopland

Onze gesprekken werden langzaam
onze vragen beantwoordden we met kijken
naar de langzame wereld om ons heen
de dorpen en de landerijen in de diepte
de vogels bijna verdwijnend in de hemel
we gingen zitten kijken naar deze prachtige
onverschilligheid van de wereld
naar de overbodigheid van onze vragen.

* Myriam Van Hee

Het was het jaar waarin zij
losgeslagen, het langste
jaar dat af en toe
gelukkig maakte maar vaker
slapeloos- het jaar waarin
avond aan avond verslagen
zij aan tafel zat
zwijgend onder de lamp
ademloos na zoveel ongelijk

* Herman de Coninck

Ik kan mijn ogen sluiten
en niet meer zien.
Ik kan zelfs mijn ogen openen
en niet meer zien.

Het doet geen pijn.
Ik kan heel goed niets denken
en niets hebben en niets vragen
en niets zijn.
 

* Leonard Nolens

Jij blijft mijn grote liefde
In de maak, jij maakt
Mijn nachten wachten wit
Als dit papier, jij maakt me
Zwart als een gat in het blad
Gebrand van dit gedicht,
Een vergezicht van niets;
Zo blijven wij vervuld
Van al het onvervulde;

Jij bent mijn vraag, jij bent
Mijn bange vragen voor.
Wij maken lange dagen.
Die staan hier in een koor
Van hoog tot laag bijeen
Te dansen in mijn keel.

Ik neem hier geen verhaal
Op jou, ik haat het hiaat
Dat ons heeft afgesproken.
Ik blijf je grote liefde
In de maak, ik maak
Je nachten wachten wit
Als dit papier, ik maak je
Zwart als een gat in het blad
Gebrand van dit gedicht.

 

* Pablo Neruda

Weet dat ik jou bemin en niet bemin
gezien de twee manieren van het leven,
het woord is als een vleugel van de stilte,
het vuur is voor de helft van kou vervuld.

'k Bemin jou om 't begin van het beminnen
om het oneindige te herbeginnen
en nooit met jou beminnen op te houden:
en dus bemin ik jou nog altijd niet.

'k Bemin je en bemin je niet alsof
ik in mijn handen sleutels van geluk
en van onzeker geluk zou houden.

Twee levens heeft mijn liefde je te geven.
'k bemin je dus als ik je niet bemin
en als ik je bemin, bemin ik je.

* Toon Tellegen

Een man betrad het hoofd van een vrouw,
liep aarzelend rond
tot hij gewend was aan het donker
en het stof.

"Mooi", zei hij, "ik vind het hier mooi".
En hij vroeg'
" Nu jij, zou jij...??"

"Nee, nee" zei zij,
want zij was bang dat het daar groot zou zijn, onherbergzaam
en wild
en oogverblindend licht.

 

* Gerrit Komrij

Laten wij nog eenmaal de kamer wit maken
nog eenmaal de totaal witte kamer, jij, ik
dit zal geen tijd sparen maar nog eenmaal
de kamer wit maken, nu, nooit meer later
en dat wij dan bijna het volmaakte napraten
alsof het gedrukt staat, witter dan leesbaar
dus nog eenmaal die kamer, de voor altijd totale
zoals wij er lagen, liggen, liggen blijven

witter dan wit, samen -

 

* Szymborska

Ik heb gisteren niet goed mijn best gedaan in de kosmos.
Een heel etmaal geleefd zonder naar iets te vragen,
Zonder me ergens over te verbazen.

Ik heb alledaags werk verricht
alsof dat alles is wat ik moest doen

Inademen, uitademen, stap voor stap, verplichtingen,
Maar zonder een gedachte die verder reikte
dan de deur uit en weer terug naar huis.